Nederland financiert de VS

1782

Nederland financiert de VS

De rijkdom van Nederland, verworven in de Gouden Eeuw, maakte de Republiek voor andere landen zeer interessant. Vanaf het einde van de zeventiende eeuw groeide Nederland uit tot financier van het buitenland. Veel Europese vorsten en landen deden een beroep op de Amsterdamse kapitaalmarkt en Nederlands geld drong door tot in alle hoeken van Europa. Vanaf het midden van de achttiende eeuw klopten ook landen van buiten Europa aan in Amsterdam. Zo ook de jonge Verenigde Staten.

De Verenigde Staten bestonden eind 18e eeuw uit dertien staten. Ze hadden zich net vrijgevochten van Engeland, maar waren straatarm. Er was geld nodig. Daarom reisde de latere president John Adams als gezant naar Nederland. De terughoudendheid bij investeerders was in het begin groot. Het nieuwe land had nog geen enkele ‘track record’. Toch slaagde Adams uiteindelijk in zijn missie. In 1782 kon er worden ingeschreven op een 5% lening van de Verenigde Staten ter waarde van 5 miljoen gulden. Dit was de eerste van in totaal elf staatsleningen die de Amerikaanse regering tussen 1782 en 1794 uitschreef in Nederland. Het totaalbedrag van de leningen was 30,5 miljoen gulden, wat vertaald naar hedendaags geld neerkomt op 22 miljard US dollar! Nederland hielp hiermee Amerika door de moeilijke eerste jaren. Sindsdien is de financiële relatie tussen beide landen altijd sterk geweest.

Dat bleek ook in de 19e eeuw, toen Amerika veelvuldig de weg naar Amsterdam wist te vinden. In 1803 lukte het de Verenigde Staten met steun van het Amsterdamse handelshuis Hope & Co een groot grondgebied van de Fransen over te nemen (Louisiana Purchase), waardoor de oppervlakte van het jonge land in één klap verdubbelde. En later die eeuw deed Amerika voor de opbouw van het land weer een beroep op Nederlandse beleggers. Dit keer betrof het de aanleg van het spoorwegnet. Resultaat: meer dan honderd Amerikaanse spoorwegen kregen een notering op de Amsterdamse beurs.